Nieuws
ReferentieniveausDe referentieniveaus beschrijven wat de leerlingen gedurende hun schoolloopbaan moeten kennen en kunnen op het gebied van taal en rekenen.
In het primair onderwijs is er een fundamenteel niveau (F) en een streefniveau (S) voor groep 8 vastgelegd. Deze niveaus beschrijven de vaardigheden voor lezen, schrijven, mondelinge taalvaardigheid, begrippenlijst en taalverzorging. Voor rekenen zijn dit getallen, verhoudingen, verbanden, meten en meetkunde.
De referentieniveaus zijn een hulpmiddel om de taal- en rekenprestaties van de leerlingen te verhogen. De referentieniveaus zijn niet bedoeld om ‘af te rekenen’ maar juist als instrument om te helpen bij het formuleren van ambities voor alle leerlingen en het vaststellen of de leerlingen de gestelde doelen ook bereiken. Daarnaast vormt het referentiekader de basis voor doorlopende leerlijnen taal en rekenen over de verschillende onderwijssectoren. Ook in het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs wordt gewerkt met dit referentiekader.
Met de wettelijke verankering van de doelen op 1 augustus 2010 zijn we er nog niet. Methoden, toetsen, leerlijnen en tussendoelen zullen daarvoor de komende jaren worden aangepast. De referentieniveaus zullen geleidelijk aan worden ingevoerd in de onderwijspraktijk.
Van basisscholen wordt verwacht dat ze in hun onderwijsaanbod rekening houden met de referentieniveaus. Scholen krijgen om dit mogelijk te maken voor het schooljaar 2010-2011 een bedrag van €15,50 per leerling. Dit geld kan bijvoorbeeld besteed worden aan scholing van de leerkrachten.
Een inventarisatie van Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) heeft geleerd dat de meeste taal- en rekenmethoden die scholen gebruiken, aansluiten bij de referentieniveaus. Inhoudelijk zal er voor de meeste scholen niet meteen heel veel veranderen.




